|
HISTORIE ROLHOCKEY
Bron: Eerste Algemene Rolhockey Site
Auteur: Rob Verbeek
Historische ontwikkeling rolhockey
Algemeen: Het beschrijven van de historische ontwikkeling van het rolhockey is geen gemakkelijke opgave omdat er weinig tot geen literatuur voor handen is. Toch is het belangrijk om te weten hoe de ontwikkeling heeft plaats gevonden omdat je door een rijke historie nu eenmaal een speciale band met de desbetreffende tak van sport kunt verkrijgen.
De historie van het rolhockey is er een om trots op te zijn en daarom is dit hoofdstuk dan ook geschreven om de mogelijkheid te bieden om deze feitenkennis aan te vullen en over te dragen door middel van informatiedragers als dag- en weekbladen, clubbladen, programmaboeken, spreekbeurten, werkstukken etc. etc.
De historische beschrijving is vanwege de onderhavige cursus gebaseerd op het rolhockey en zijn de rolschaatsonderdelen kunstrijden en hardrijden buiten beschouwing gelaten. In deze context is het vermeldenswaardig dat de hardrijders op dit moment kunnen kiezen tussen de traditionele rolschaatsen met vier wielen of de zogenaamde "skeeler" met vijf wielen in een lijn. Op dit moment kiezen de hardrijders voor de "skeeler" omdat de snelheid op het rechte stuk met 2 á 3 km/uur verhoogd kan worden. In Nederland worden de belangen verdedigd door de Nederlandse Skeeler Bond en deze bond is aangesloten bij de F.I.R.S (Federation International de Roller Skating)
Het hierna volgende overzicht is samengesteld door het noemen van jaartallen met de daarbij behorende gebeurtenissen.
1760 - 1994, Ruim tweehonderd jaar ! De geschiedenis van de rolschaatssport begon natuurlijk met de uitvinding van de rolschaats. Dit gebeurde in 1760 door de Belg Joseph Merlin uit Hoei en de ijsschaats was de onderlegger van zijn ontwerp, doch een patent aanvraag was bij de Belg niet opgekomen. Dit werd in 1815 door de Fransman Garcin gedaan en hij had daarmee zijn rolschaats, de Gincar genaamd, voor de eeuwigheid vastgelegd. De Duitse firma Berken vervaardigde in 1873 rolschaatsen met harde rubberen wielen en voorzien van een hefboom voor het vast zetten van de schoen. De rolschaats werd ontworpen met de bedoeling om de mens gemakkelijk te laten voortbewegen.
Het ontwerp, de financiering en de bouw van de eerste rolschaatsbaan ter wereld in Cincinnati (Ohio USA) werd in het jaar 1867 een feit. In hetzelfde Amerika had rond 1880 iedere stad haar rolschaatshal en in 1882 werd in Boston een rolschaatshal gebouwd met een capaciteit van 5000 rolschaatsers. In Engeland verspreidde het rolschaatsen zich zeer snel en bereikte haar hoogtepunt in 1873. In 1890 werd de beroemde Olympia-piste te Londen geopend met een gigantische rolschaatsoppervlakte van 120x60 meter alwaar vele Engelse rolschaatsliefhebbers met veel plezier de rondjes draaide.
De beslissende stap naar de perfectionering van de rolschaats werd gezet in 1884 door de uitvinding van de kogellager door de firma Richardson Stake. In 1890 brengt de Duitse firma Von Lorenz rolschaatsen in de handel waarvan de lengte geregeld kan worden, voorzien van kogellagers en uiterst sterk van structuur. Wereldberoemd is de rolschaatsfilm van Charly Chaplin. Deze filmklassieker werd opgenomen in Arcadia-rollerhal van Manchester te Engeland.
Introductie rolhockey In het historische jaar 1909 werd in Kent te Engeland een nieuwe tak van sport geïntroduceerd : ROLHOCKEY !!
In hetzelfde jaar van de Engelse introductie werd als eerste vereniging in België Koninklijk Antwerp opgericht.
In het jaar 1911 zijn de eerste Nederlandse rolschaatswapenfeiten te noteren, omdat toen in Rotterdam een vermaakcentrum werd geopend waar de liefhebbers van het rolschaatsen hun gang konden gaan. Maar dat "Skating Centrum" was helaas geen blijvertje en tijdens de wereldoorlog 1914-1918 werden de poorten van "Skating Centrum" definitief gesloten.
Doch wat eigenlijk niemand weet is dat in 1911 niet alleen het rolschaatsen werd geïntroduceerd maar ook het rolhockey! Dus 2 jaar nadat de tak van sport in Kent te Engeland het daglicht zag, speelden men in Rotterdam rolhockey. Het duurde echter tot 1947 voordat de sport serieus werd beoefend.
De eerste internationale wedstrijd rolhockey of zoals men het vroeger noemde rinckhockey, werd gespeeld in 1911 tussen het Britse nationale team en een club uit Tourcoing te Frankrijk. Zwitserland was het volgende land wat het rolhockey omarmde en voor de Eerste Wereldoorlog kwamen in de plaatsen Lausanne, Luzerne en Montreux de rolhockeyverenigingen tot stand.
De F.I.R.S. In 1920 werden de eerste besprekingen gehouden over het oprichten van een internationale federatie. Deze federatie werd inderdaad opgericht op 21 april 1924 te Montreux. De naam van deze internationale organisatie was "Federation Internationale de Pattinage a Roulette" (F.I.P.R) en in 1947 werd deze weer gewijzigd in "Federation International de Roller Skating" (F.I.R.S.).
De eerste Europese Kampioenschappen voor landenploegen werden in Herne bay te Engeland (1926) gehouden en de eerste Wereldkampioenschappen te Stuttgart (1936).
Nadat in 1911 de rolschaatssport in Nederland werd geïntroduceerd brak in 1947 het grote moment voor het hedendaagse rolhockey aan. Twee jaren na de bevrijding zag de olympische wielrenner Henk Ooms, die op zijn vele buitenlandse reizen de ogen open had gehouden, de mogelijkheid om op de Savorin Lohmanlaan te Den Haag een vloer van eterniet platen te leggen. Niet lang daarna kon de later legendarische "Marathon-Rinck" worden geopend en op deze baan werd de basis gelegd voor de nationale rolschaatssport.
Nederlandse Rolschaats Bond Onder voorzitterschap van C.Fetler werd tijdens het 17e congres van de F.I.R.S. in 1948 de toetreding van de Nederlandse Rolschaats Bond (oprichting 1948) met algemene stemmen goedgekeurd. Het was een uiterst moeizaam begin. Gebrek aan geld, materiaal, kader en eensgezindheid leverden grote problemen op.
Een klein gezelschap sportlieden beoefenden de sport op een enthousiaste wijze en de groep rolhockeyers werd groter maar niet groot genoeg om een reeks wedstrijden te gaan spelen. De pioniers van het eerste uur reisde veelvuldig om maar zoveel mogelijk wedstrijden af te werken. Door de vele buitenlandse sportcontacten steeg het spelpeil voortdurend en werd Den Haag tenslotte een hecht bolwerk met maar liefst vijf rolschaatsbanen t.w. de Marathon-Rinck, de Eekhoornbaan, Hoekwaterstraat, de Zuiderparkbaan en Poeldijk (aan de rand van Den Haag).
Hockeyen, hockeyen en hockeyen ..... Zoals gezegd: Hockeyen, hockeyen en nog eens hockeyen was het credo, en om ervaring op te doen werden er vele wedstrijdseries georganiseerd zoals de strijd om de Zilveren Rolschaatsbaan en de Haags Dagblad-beker.
In deze jaren was de zogenaamde "Ooms rolschaats" ontstaan, een onderstel van stalen hoeklijnen met rubberen remdoppen gesneden uit vrachtwagen-banden en voorzien van houten (jazeker!) wielen. De rolhockeyers van het eerste uur hebben dagen/weken lang deze wielen op een draaibank staan draaien. Want de houten wielen spleten bij enig contact spontaan in twee stukken.
De vereniging Marathon werd in 1947 opgericht, gevolgd door Residentie in 1948. Het jaar 1951 was voor Hollandia dat ook de initiatiefneemster was van de West Europa Cup met deelname van de kampioenen uit Zwitserland, Engeland, West-Duitsland, Frankrijk, België en Nederland. Deze cupwedstrijden waren de voorlopers van de huidige Europa Cup wedstrijden welke vanaf 1966 werden gehouden.
Het eerste Nationale team. Op het moment dat er maar één vereniging in Nederland was, nam in april 1948 in Montreux een Nederlandse ploeg voor de eerste maal deel aan een Wereldkampioenschap. Erg succesvol was deze nationale afvaardiging niet daar alle wedstrijden werden verloren en zelfs geen enkel doelpunt kon worden gemaakt. Doch het belangrijkste was dat zij zagen hoe rolhockey gespeeld kon worden en de enthousiaste "internationals" verhoogden de trainingsfrequentie en een jaar later bij het W.K. te Lissabon verloren ze weer alle wedstrijden maar werden er doelpunten gemaakt om vervolgens in 1950 te Milaan de laatste plaats over te laten aan Egypte.

De rest van Nederland In de jaren 1951 - 1956 ontstonden in het land gelukkig meerdere clubs want het rolhockey-virus waaide over naar Dordrecht (A.G.O.R.), Eindhoven (R.E.W. en De Lichtstad), Zaandam (Z.R.C.) en Valkenswaard (De Dennenberg).
Vele rolschaatsaccommodaties waren ontstaan door privé initiatieven en het was dan ook zeer moeilijk om deze rolschaatsbanen te handhaven. Om deze reden en door gebrek aan financiën en eensgezindheid verdwenen ook weer een aantal clubs
Clubs welke werden opgericht doch ook weer van het rolschaatspodium zijn verdwenen zijn o.a. Hollandia, Internos, D.R.R., Rolling Stars, De Hofstad, Olympia, Vredestein, R.E.W., Rodar, Holland, Helmond West, Neerlandia, E.R.C., Zuid Holland, Residentie en De Dennenberg.
Een nationale competitie In het jaar 1951 werd er voor de eerste maal een Nederlands kampioenschap rolhockey gehouden en na de allerlaatste en beslissende wedstrijd tussen Residentie en Marathon werd de kampioens-vaan na afloop aan de aanvoerder van het rood-gele Marathon overhandigd. Deze huldiging werd voltrokken door de heer Zoetmulder, voorzitter Nederlandse Rolschaats Bond.
De jaren die hierop volgde stonden in het teken van het populariseren van de tak van sport. Een sport wat veel trainingsarbeid van de sporter vraagt voordat er echt plezier aan het beoefenen ervan deze sport wordt beleefd. Schaats en sticktechniek gekoppeld aan tactisch inzicht en fysieke conditie zijn de minimalen vereiste om de sport met plezier te kunnen beoefenen. Wellicht is dit een van de factoren waarom het rolhockey in Nederland tot de kleinere sporten behoort. Ondanks dat het rolhockey in Nederland op bescheiden schaal wordt beoefend zijn de internationale prestaties opvallend te noemen. Het blijkt dat de toppers in Nederland ook toppers in het buitenland zijn.
Het zilveren feest van de N.R.B. werd in 1973 gevierd met een toprolhockey toernooi in Valkenswaard met deelname van wereldkampioen Spanje, Portugal, West-Duitsland, België en gastheer Nederland.
Dames rolhockey Het dames rolhockey kreeg in 1971 de eerste impulsen via de vereniging Hollandia alwaar ex-kunstrijdsters de hockeystick ter hand namen en door international Tammens lessen kregen in stick- en schaatstechniek. De verenigingen Z.R.C., A.G.O.R., Helmond West en het Belgische Leuven volgden in het zelfde jaar deze ontwikkeling.
Supercompetitie Al in 1974 ontstond er een wedstrijdenreeks wat leek op de huidige Benelux-competitie, t.w. de Supercompetitie. Buiten de eigen reguliere competities werden er door de drie beste clubs uit Nederland en België een serie wedstrijden afgewerkt. Iedere vereniging trad eenmaal, op een zaterdagavond, op als gastheer voor de overige verenigingen.
Tot nu toe werden alle rolschaatszaken voor de Europese landen door de wereldbond F.I.R.S. behandeld. Een Europese organisatie werd in 1976 opgericht en kreeg de naam Confederation European Roller Skating (C.E.R.S.)
In het licht van het 30-jarig bestaan van de N.R.B. kreeg zij in 1977 de eervolle uitnodiging om een Europees Kampioenschap voor junioren te organiseren. Het toernooi werd in de sporthal De Houtzagerij in Den Haag afgewerkt. Italië werd kampioen en een bronzen medaille was weggelegd voor de Nederlanders.
De eerste twintig jaar was het vooral de verenigingen Residentie, Hollandia en Marathon die de rolhockey dienst uitmaakte doch de laatste twintig jaar komen de kampioenen uit het zuiden van het land. De verenigingen De Dennenberg en de Lichtstad hebben veel voor de ontwikkeling van de sport betekend.
Om het spelniveau te verhogen van de landen buiten de toppers Spanje, Portugal en Italië werd de Trans Europe Invitation Cup (Noordzee-cup) in het leven geroepen (1978). Landen als West-Duitsland, Zwitserland, Frankrijk, België, Engeland en Nederland traden in toerbeurt op als gastheer en zodoende speelden deze landen in korte tijd 25 interlands per editie. Het resultaat was dat de "kloof" tussen de toppers en de overige landen werd verkleind, doch om financiële redenen kwam dit uitstekende initiatief helaas aan zijn einde.
Na in 1977 een E.K. voor junioren kreeg de N.R.B. in 1981 de organisatie voor het E.K. aspiranten toegewezen. Portugal won de eerste, weliswaar officieuze, Europese titel met Nederland op de zesde plaats van de acht deelnemers.
Benelux competitie De reeds genoemde Benelux-competitie werd in 1988 ingevoerd. Een integratie van Nederlandse en Belgische rolhockeyteams waarvan de hoogst geëindigde zich Benelux kampioen mag noemen.
Voor de derde maal in de Nederlandse rolhockey historie werd in 1989 te Valkenswaard een Europees kampioenschap rolhockey afgewerkt. De Nederlandse junioren behaalden in een deelnemersveld van acht landen een zesde plaats.
Rolhockey recreanten De vereniging De Dennenberg nam in 1988 het initiatief om een zogenaamd recreanten toernooi te organiseren. Het begrip recreant kreeg de volgende norm: - de speler is dertig jaar of ouder; - of de speler is drie jaar niet meer in een officiële wedstrijd uitgekomen. Het is een bekend gegeven dat veel spelers na het beëindigen van hun sport carrière de rolschaatssport definitief de rug toekeren. Bijzonder veel kennis gaat verloren en dat is nu juist hetgeen wat noodzakelijk is bij het opbouwen van een tak van sport. Het begrip recreanten rolhockey overbrugde de "kloof" naar veteranen-rolhockey (35 jaar en ouder) en voorzag in de behoefte om weer eens een "wedstrijdje" te spelen. In de winter van het jaar 1991 ging, in toernooivorm, het recreantenrolhockey in Nederland definitief en officieel van start.
Bijzondere prestaties Zoals reeds gememoreerd leverden Nederlandse rolhockeyers op internationaal niveau bijzondere prestaties, te denken valt aan: * De Lichtstad (1981); het bereiken van de finale COPA C.E.R.S. (E.C.3), * De Dennenberg (1987); het bereiken van de halve finales Europa Cup 1, * Het Nationaal senioren team (1963,1967,1969 en 1981) bronzen medailles E.K. * Het Nationaal senioren team (1991) zilveren medaille W.K * Het Nationaal dames team (1991); zilveren medaille E.K, * Het Nationaal damesteam (1989); gouden medaille E.K. * Het nationaal aspirantenteam (1982); bronzen medaille E.K.
Een palmares om trots op te zijn en een stimulans om deze kleine tak van sport, in Nederland, uit de schaduw te halen.
De Olympische Spelen Een rolhockey droom voor iedereen die het rolhockey een warm hart toedraagt kwam uit: Rolhockey, een demonstratie sport op de Olympische Spelen te Barcelona (1992). Het benodigde duwtje kwam van oud rolhockeyer en IOC baas Antonio Samaranch. Tijdens dit evenement heeft het rolhockey laten zien dat het bij goede omstandigheden een zeer interessante tak van sport kan zijn. Uiteindelijk werd Argentinië Olympisch kampioen en Nederland behaalde een verdienstelijk zesde plaats.
De World Games De World Games vormen een mondiaal sportfeest dat topatleten uit verschillende delen van de wereld bijeen brengt om zich met elkaar te meten in die sporten en disciplines die niet op het programma van de Olympische Spelen staan. Deze kunnen, door middel van de World Games, zich presenteren in een multi-sportevenement aan T.V., pers, en publiek. Tijdens het eerste evenement in 1981 te Santa Clara (USA) waren de nationale rolhockey ploegen aanwezig. Na Santa Clara volgde Londen (1985), Karlsruhe (1989) en Den Haag (1993). Het nationale team van Nederland nam deel in 19
|